

"Ik hecht niet heel veel waarde aan financiën zelf, maar ik geniet er wel van dat ik er niet over hoef na te denken."
Klopt, ik ben van nature niet iemand die voor alles potjes maakt. Maar er zijn twee dingen die ik heel belangrijk vind. Ten eerste hebben we een eigen huis, dus we storten maandelijks € 250 om een buffer op te bouwen. Die pot groeit gewoon totdat er een keer iets gerepareerd of vervangen moet worden.
Mijn tweede, en eigenlijk belangrijkste spaardoel, is voor mijn kinderen van 8 en 10 jaar oud. Ik heb zelf het voorrecht gehad dat ik kon studeren en dat mijn ouders mij maandelijks genoeg geld gaven om mijn huur en eten te betalen. Alles wat met plezier te maken had - een biertje drinken, reizen, kleding - daar moest ik zelf voor werken en sparen. Mijn man had dat geluk niet; hij moest direct veel lenen en begon zijn werkende leven met een schuld. Dat vind ik zo heftig. Ik wil niet dat mijn kinderen moeten lenen. Ze zijn nu nog jong en denken misschien 'hoe meer geld, hoe beter', maar gratis geld bestaat niet. Daarom sparen we nu maandelijks, zodat we straks een mooie pot hebben om ze tijdens hun studie te kunnen helpen. Daarnaast sparen we voor hun rijbewijs, onder de voorwaarde dat ze niet gaan roken natuurlijk!
→ Leestip! Wil jij ook sparen voor de toekomst van je kind? Lees ons blog: Wat kost een kind in 2026? Een compleet overzicht van baby tot 18 jaar
Voor het huis staat er nu zo'n € 6.500 in de buffer. Voor de kinderen hebben we inmiddels al ongeveer € 20.000 gespaard. We hebben nog een jaar of acht voordat ze eventueel gaan studeren, dus dat gaat de goede kant op!
Ik hecht niet heel veel aan financiën zelf, maar ik geniet er wel van dat ik er niet over hoef na te denken. Ik leid het leven dat ik wil leiden, maar ik doe ook geen gekke dingen. Ik geef voornamelijk geld uit aan reizen en aan lekker eten. Kleding koop ik bijvoorbeeld graag tweedehands, ik hoef echt niet elke week iets nieuws te hebben.
Dat was een reis naar Nepal afgelopen oktober met een vriendinnengroep. Dat was fantastisch! Het was echt een van de meest bijzondere reizen die ik ooit heb gemaakt.
Ik geef het eigenlijk gewoon in één keer uit. Ik heb genoeg buffer op mijn rekening om dat te kunnen doen. Ik ben helemaal niet van de kleine potjes voor elk afzonderlijk doel, dat vergeet ik toch maar. Ik heb liever gewoon de rekening voor de kinderen en de rekening voor het huis waar automatisch geld naartoe gaat. Mijn eigen geld staat op mijn eigen rekening, en als er dan een grote uitgave is zoals die reis naar Nepal, dan betaal ik dat daarvan. Daarna bouwt het zich vanzelf weer op.
Het viel me heel erg mee! We waren twee weken weg en inclusief de vlucht en de reisorganisatie was het zeker niet meer dan € 3.000. We hebben daar ter plekke heel weinig uitgegeven, het meeste ging nog naar fooien voor de dragers en de gids. En naar water! Hoe hoger we kwamen, hoe duurder het flessenwater werd.
Als ik kijk naar financiële lessen: voor zo'n reis zou ik zeker weer een reisorganisatie inschakelen. Maar van de zomer was ik met mijn gezin in Azië en hadden we ook een deel via een reisbureau laten regelen. Dat was achteraf echt zonde van het geld. We betaalden veel voor dingen die we in Azië prima zelf, en voor de helft van het geld, hadden kunnen regelen. Dat was wel een leermomentje.
Ik geef heel makkelijk geld uit aan eten en drinken. Een borrel drinken in een café of een goede kop koffie halen, daar denk ik eigenlijk niet bij na. Waar ik wél heel bewust op bespaar, is lunch tijdens werkdagen. Ik neem altijd mijn eigen eten mee naar kantoor. Vroeger haalde ik nog weleens koffie op het station of een broodje bij de bakker, maar die kleine dagelijkse uitgaven tikken over een hele maand best flink aan. Bovendien is een broodje van thuis vaak net zo lekker!
Ja, dat probeer ik wel. Mijn ouders zijn niet met heel veel geld opgegroeid. Toen ze later een huis bouwden, ging al het geld in de hypotheek omdat de rente gigantisch hoog was. Ze zijn nog steeds heel bewust met geld; ze zouden het wel kunnen betalen, maar gaan liever niet naar een heel chique, duur restaurant.
Mijn kinderen hebben het nu heel goed, en dat besef ik me. Ze krijgen wel zakgeld, maar eerlijk gezegd vergeten we dat heel vaak te geven, haha! Ze vragen er ook niet echt om. Maar als ze straks wat ouder zijn, ga ik ze zeker aanmoedigen om een bijbaantje te nemen. Precies zoals mijn ouders dat deden: wij zorgen voor de basis, maar voor de leuke dingen eromheen moet je zelf werken. Dat motiveert ook enorm.
→ Leestip! Wil je je kind ook leren omgaan met geld? Lees ons blog: Hoeveel zakgeld geef je en hoeveel per leeftijd?
Als je kinderen hebt: ondersteun ze in hun jonge jaren zodat ze niet met een achterstand of schuld aan hun leven beginnen. Maar trigger ze tegelijkertijd wél om zelf geld te verdienen voor de extra's. Dat vind ik een hele belangrijke balans.
En mijn man zou waarschijnlijk zeggen: het is zo raar dat als je jong bent en de wereld wilt ontdekken, je het geld niet hebt. En als je oud bent en het geld wél hebt, je de energie of de behoefte niet meer hebt. Dus geniet er ook van als het kan!